Overslaan en naar de inhoud gaan

Reglementering langs het spoor

 

In de Belgische wegcode staat dat dat wegvoertuigen maximaal 4 m hoog mogen zijn.

Onze bovenleiding hangt niet overal op dezelfde hoogte. De hoogte varieert tussen 4,8 en 6,0 meter boven het niveau van het spoor (en dus ook het niveau van de overweg).

Standaard proberen we altijd om de bovenleiding op 5m30cm te hangen (in volle baan). Maar dat lukt niet altijd omdat er soms in de buurt van een overweg bijvoorbeeld een brug is en dan moeten we de bovenleiding aanpassen aan de hoogte van de brug.

Aan weerszijden van elke overweg hangt er een veiligheidsportiek met een waarschuwing voor de weggebruikers, die de maximaal toegestane hoogte aangeeft. Deze hangt minimum 30 cm onder de bovenleidingsdraad. Dus minstens op 4,5 m hoogte, als de bovenleiding op dat punt op 4,8 m hangt. Dan is er dus nog minstens een veiligheidsmarge van 0,5 m op de maximaal toegestane hoogte.

Bijna maandelijks stellen wij incidenten vast, waarbij een vrachtwagen die hoger geladen is dan 4,5 m geladen, een bovenleiding eraf rukt. Hierbij brengt de chauffeur zichzelf in gevaar en veroorzaakt hij of zij grote hinder op ons spoornet.

Wij danken alle vrachtwagenchauffeurs om deze regels van de wegcode niet te vergeten!

 

Volgens de wet moet de plantengroei minimum 1,5 meter korter zijn dan de afstand tussen de voet van de plant en de dichtstbijzijnde spoorstaaf.

  • Spoorwegen op een grondverhoging of in ingraving: berekening van de afstand tussen de voet van de plantengroei en de bovenrand van de grondverhoging of de ingraving.
  • Plantengroei achter muren langsheen sporen: maximale hoogte dezelfde als deze muren (behalve met toelating van Infrabel).
  • Voor baanvakken waar de toegelaten snelheid hoger is dan 220 km/u: enkel kruidachtige gewassen toegelaten in een zone van 25 m vanaf de dichtsbijzijnde spoorstaaf.

We kunnen alle niet-kruidachtige plantengroei op een afstand van minder dan acht meter van de spoorstaven verbieden indien deze de veiligheid van het treinverkeer in gevaar kan brengen.

Meer info daarover vind je in deze wettekst.

Als je een gebouw wil optrekken of werken wil uitvoeren, reken dan minstens vijf meter vanaf:
- de buitenste spoorstaaf als de spoorbedding op gelijk niveau ligt met het aanpalende perceel;
- de teen van de talud bij het spoor in ophoging;
- de kop van de talud bij spoor in ingraving.

Je kan enkel afwijken van dit wettelijk verbod als je onze (de infrastructuurbeheerder) schriftelijke toestemming hebt en je motivering van de exploitatieveiligheid gegrond is. Meer info vind je hier.

Houd er rekening mee dat we de precieze voorwaarden steeds bekijken bij het indienen van je bouwaanvraag.